Gepost op

Als je wilt afvallen, moet je toch minder eten?

Een vraag die ik regelmatig krijg: Als het mij lukt om helemaal in balans te komen en alleen de voeding te nemen die mijn lijf nodig heeft (niet meer en niet minder), hoe kan ik dan afvallen? Blijf ik dan niet gewoon alleen stabiel in mijn gewicht? Ik zal uiteindelijk toch minder calorieën moeten nemen en meer moeten verbranden om gewicht te verliezen?

Klinkt logisch! Moet je dus expres te weinig gaan eten om af te vallen? Het antwoord is: nee, je moet wel stoppen met teveel eten, maar je moet zeker ook geen honger gaan lijden.

De gedachtegang van deze vraag ontstaat als je eten en je gewicht als een rekensommetje gaat beschouwen: als je x calorieën teveel eet, kom je y kilo aan en als je x calorieën minder eet, val je y kilo af. Die benadering wordt vaak gekozen. Alleen klopt hij niet. Je lichaam doet niet aan wiskunde, maar aan biologie. 😉

Je lichaam slaat vet op om te overleven. Hoe meer onzekerheid er is, des te meer reserves wil je lichaam hebben. Net als mensen die in onzekere tijden leven en die proberen om geld te bewaren op allerlei plekken. Als je je lichaam consequent goed verzorgt (o.a. genoeg eten, water, zuurstof en rust, niet teveel stress en gifstoffen die verwerkt moet worden), neemt de onzekerheid af en dus de behoefte aan vetreserves.

Een voorbeeld: mensen vallen soms af als ze eindelijk genoeg gaan slapen, zelfs als ze niets aan hun calorie-inname of hun beweegpatroon veranderen. Je lichaam kan immers ook van binnen veranderen. En als je stofwisseling en/of je hormoonhuishouding beter gaat draaien, worden de voedingsstoffen en de brandstof die binnenkomen beter verwerkt. Dat kun je vergelijken met een weg waar evenveel auto’s overheen rijden, maar waar de verkeerslichten, de invoegstroken en de kruispunten verbeterd worden. Die gaat beter doorstromen en krijgt minder file.

Dit neemt natuurlijk niet weg dat iemand die teveel eet, zal aankomen. En iemand die weinig beweegt, houdt een slechtere stofwisseling en een slechtere conditie, waardoor je minder energie verbruikt en dus zwaarder blijft. Maar ook dat is eerder biologie dan wiskunde.

Gepost op

Vanaf nu ga ik niet meer snoepen

Bij mensen die willen afvallen, geef ik vaak aan dat het belangrijk is om je doel daarbij te weten en te bepalen wat je wilt in plaats van wat je niet meer wilt. Ik kreeg daar laatst een vraag over via de e-mail:

“Ik heb besloten dat ik niet meer wil snoepen, omdat ik mijn bloedsuiker stabiel wil houden. Dan is mijn doel toch gewoon niet snoepen? Waarom is dat geen geschikt doel?”

Veel mensen willen minder snoepen (of niet meer snoepen). Maar je doel is niet ‘niet snoepen’. Met dat ‘niet snoepen’ probeer je iets te bereiken. Bijvoorbeeld dat je je rustiger voelt of fitter. Vaak zeggen mensen ook: ik wil ermee bereiken dat ik slank word. Maar ook dat wil je met een reden: omdat je je aantrekkelijk wilt voelen, of gezond, of nog weer iets anders… Daar komt je echte doel tevoorschijn.

Als je niet goed weet waar je het voor doet, geef je jezelf zomaar een verbod: ik mag niet snoepen. Dat houden mensen meestal niet vol. Misschien heb je dat al eens gemerkt, omdat je al eerder gezegd had dat je niet meer ging snoepen en het toch weer bent gaan doen.

Wanneer je je echte doel weet, geeft dat steun om goede beslissingen te nemen. Stel dat iemand bijvoorbeeld als doel heeft: ik wil me aantrekkelijk voelen. Dan zal hij op veel momenten snoep afslaan, of het niet in huis halen. Want iemand die de hele dag loopt te snoepen is niet zo aantrekkelijk (zelfs niet als hij slank is).

Maar er zullen af en toe ook momenten zijn dat hij wel iets lekkers neemt. Bijvoorbeeld omdat hij samen met anderen wil genieten van een leuk moment, of omdat hij nieuwsgierig is naar een bepaalde smaak. In staat zijn om te genieten hoort ook bij aantrekkelijk zijn. Als hij nooit iets mag, raakt hij op een gegeven moment gestrest. Dan is hij niet aantrekkelijk en bereikt hij zijn echte doel dus niet.

Je begrijpt vast al dat je zo’n doel (aantrekkelijk zijn, ontspannen zijn, of wat je ook kiest) heel eerlijk in de gaten moet houden. Als je ‘ik moet ook genieten, want dat hoort bij aantrekkelijk zijn’ als smoesje gaat gebruiken om de hele dag te snoepen, weet je diep in je hart dat je jezelf voor de gek houdt. En dan vind je jezelf helemaal niet aantrekkelijk.

Gemakkelijk is dit allemaal dus niet. Maar het is wel heel interessant om je eigen drijfveren te weten en bovendien krijg je er veel meer kracht van. Alles gaat meer ‘kloppen’. En dat is nodig als je blijvend wilt afvallen.

Gepost op

Gezond eten kiezen in drie stappen

Gezond eten ingewikkeld? Als je in de war raakt van al die informatie, ga dan terug naar de basis. Hier komen de basisprincipes.

Stap 1: zorg dat je, als je honger hebt, dingen eet waar voedingsstoffen in zitten. Je weet zelf vast al vrij aardig welke dingen dat zijn. Groente wel, koeken niet, bij wijze van spreken.

Stap 2: Je gaat kijken of je ook varieert: bijvoorbeeld niet alleen dingen met tarwe, melk en vlees. Maar ook groente, fruit, noten, zaden, vis.

Stap 3: ook binnen die groepen varieer je zo goed mogelijk. Bijvoorbeeld niet alleen maar groene groente of fruit, maar ook rode, gele/oranje of een keer iets blauws. Niet alleen cashewnoten, maar ook een keer amandelen. Etcetera.

Het hoeft niet perfect allemaal. En elke stap is winst. Dus begin bij stap 1 en ga dan rustig verder. Onderweg ga je je steeds beter voelen én ontdek je hoeveel je al weet over voeding. Zorg dat je er geen stress van krijgt, maar plezier. 😉

Ook in de online cursus ‘Word je eigen afslankcoach‘ werk je stap voor stap aan meer inzicht en beter resultaat.

Gepost op

Positieve psychologie

De positieve psychologie is een nog vrij jonge tak van de wetenschap, maar wel een belangrijke. Hij houdt zich bezig met de vraag: hoe kunnen mensen zich goed voelen? Eén van de inzichten die daarbij naar voren komen, is dat dingen verbeteren veel sneller en gemakkelijker gaat als je je concentreert op wat goed gaat. Dus: waar zit jouw kracht, wat lukt al, waar ben je tevreden over? Door het vertrouwen en de energie die je daarvan krijgt, ga je nieuwe stappen zetten.

We zijn nogal eens geneigd om veel en lang te praten over problemen en dingen die mensen niet goed doen. Dat is jammer, want daardoor worden de knelpunten eerder groter dan kleiner. In ieder geval gevoelsmatig. Om slim gebruik te maken van de positieve psychologie kan je bijvoorbeeld:

  • Elke dag stilstaan bij wat goed gaat en wat je goed kan. Bijvoorbeeld voor je naar bed gaat of aan het eind van een werkdag. Misschien is het zelfs leuk om die dingen op te schrijven.
  • Oefenen in het doorvragen op wat er goed gaat bij jezelf en andere mensen. “Hoe gaat het?” “Goed hoor.” … en dan? Probeer bijvoorbeeld eens: “Oh, wat leuk. Vertel eens?”, “Wat fijn. Wat gaat er vooral goed?” of “Dat voelt vast lekker?”.
  • Bedenken welke dingen jij goed kan, als je een probleem wilt aanpakken. Van welke talenten en vaardigheden zou je gebruik kunnen maken, die je al eerder hebben geholpen?
Gepost op

Als ik niet (meer) afval, geef ik op

Met ‘geen resultaat zien’ bedoelen mensen vaak dat ze op de weegschaal niet zien dat ze zijn afgevallen. Of misschien ben je zelfs een paar ons aangekomen. Het lastige is, dat dit altijd een keer zal gebeuren. Niemand ziet zijn gewicht in een rechte lijn naar beneden gaan. Onder andere omdat je lichaam altijd naar balans zoekt: als het zou toestaan dat je aan een stuk door blijft afvallen, zou je het niet overleven.

Maar er zijn ook andere redenen dat je gewicht soms niet daalt of zelfs stijgt. Er zit bijvoorbeeld variatie in je gewicht. De ene dag houd je meer vocht vast dan de andere (bijvoorbeeld omdat je weinig gedronken hebt en je lichaam als noodmaatregel extra vocht vasthoudt) of er zit meer of minder voedsel in je darmen. Zo kan iemand na een weekend met een uitgebreid diner twee kilo zwaarder zijn – niet omdat hij er twee kilo vet bij heeft, maar omdat hij meer vocht en voedsel in zijn lichaam heeft. Bij vrouwen is er meestal extra variatie op basis van de hormooncyclus.

Door de maand heen kun je één tot drie kilo variëren in gewicht. Als je elke dag weegt, zul je dus ook de stijgingen zien. Ben je daar gevoelig voor, dan kan dat je flink ontmoedigen. Heb je gisteren zo je best gedaan, ben je twee ons aangekomen! Dat is niet eerlijk! Maar feitelijk is er maar één oplossing om zulke teleurstellingen te voorkomen: weeg minder vaak. Bijvoorbeeld maximaal eens per week op een vast moment. En kijk dan vooral naar de grote lijnen van wat er met je gewicht gebeurt, niet naar onsjes meer of minder.

Nog een goede reden daarvoor: veel personenweegschalen geven een cijfer achter de komma. Maar over het algemeen zijn ze niet nauwkeurig genoeg om betrouwbare cijfers achter de komma te geven. Als je je druk maakt omdat je een ons meer weegt dan gisteren, weeg je in werkelijkheid misschien wel een ons minder en dan maak je je dus druk om niets!

Deze tekst komt uit het boek Afvallen met meer succes. Daarin vind je nog 106 andere tips en oplossingen.

Gepost op

Waarom doe ik dit?

Soms doe je iets waar je eigenlijk niet blij mee bent. Bijvoorbeeld een zak snoep of chips leegeten, op de bank hangen in plaats van te gaan bewegen, te laat naar bed gaan. Misschien verzucht je in zo’n geval wel eens: waarom doe ik dit toch??

Als je echt over die vraag gaat nadenken, zou je op nieuwe mogelijkheden en oplossingen kunnen stuiten. De vraag ‘waarom deed ik dit’ kun je op drie manieren benaderen:

  1. Wat is er gebeurd, dat dit gedrag bij mij getriggerd werd? Welke omstandigheden waren er, welke gebeurtenissen?
  2. Wat wilde ik hiermee bereiken? Wat voor doel had ik?
  3. Wat zit er in mijn karakter/persoonlijkheid, dat ik geneigd bent tot dit gedrag?

Deze drie soorten oorzaken leiden samen tot jouw ‘onhandige’ gewoonte. Zitten er ergens mogelijkheden om een nieuwe gewoonte aan te leren?

 

Gepost op

Uitstelgedrag

Mensen hebben allerlei redenen om iets uit te stellen, wat ze eigenlijk gewoon willen doen. Een belangrijke reden kan zijn dat je bang bent dat het niet lukt. Een voorbeeld: zo lang je niet begonnen bent met goed voor jezelf zorgen, is het logisch dat je niet afvalt. Maar als je wel begonnen bent en je valt niet meteen af, kan dat voor paniek zorgen. Dus lijkt niet beginnen soms veiliger.

Het is heel nuttig om bij uitstelgedrag na te gaan wat de reden is om nog niet aan de slag te gaan. Wil je dit echt doen? Of wil je het diep in je hart niet? En als je het wel wilt, denk je dan dat je het kunt? Als je aan dat laatste twijfelt, heb je misschien wel nieuwe informatie, nieuwe vaardigheden of ondersteuning nodig.

Blijf je lang in je uitstelgedrag hangen zonder het nader te bekijken, dan loop je de kans dat je zelfvertrouwen steeds kleiner wordt. Nu heb je niets veranderd en je hebt er ook nog het etiket ‘uitsteller’ bij gekregen. Daar zul je niet trots van worden. Van een kleine stap vooruit wel!

Gepost op

Toch geen water drinken?

De afgelopen weken kwam ik een paar keer (nieuws)berichtjes tegen dat het advies om dagelijks water te drinken ter discussie gesteld was. Met andere woorden: ‘je moet je maar niet te druk maken als je weinig water drinkt en misschien is het zelfs slecht voor je om veel water te drinken’.

Omdat niet alle berichten duidelijk geformuleerd waren (omdat ‘er is iets geroepen maar er is geen nieuws’ nu eenmaal geen nieuws is), probeer ik even de logica weer terug te brengen in het verhaal.

  1. Als je meet hoeveel vocht wij gemiddeld kwijtraken op een dag (door plassen, zweten, uitademen) en hoeveel we binnenkrijgen (door vocht in voeding en in de lucht die we inademen), blijkt dat er 1,5 liter ontbreekt. Dat zou je dus moeten drinken op een dag om het evenwicht in stand te houden.
  2. Er lijkt geen bewijs te zijn dat extra veel water drinken goed is en zoveel water kan je lichaam ook belasten. Behalve als het warm is of je veel zweet natuurlijk, dan verlies je namelijk ook meer water.
  3. Er werd in de nieuwe berichten aangegeven dat de bedrijven die water verkopen je graag wijsmaken dat je flesjes water moet kopen en leegdrinken om gezond te blijven. In Nederland hebben we prima kraanwater, dus dat hoeft niet. Al die flesjes zijn nog slecht voor het milieu ook.
  4. Vocht uit andere dranken telt ook mee voor je anderhalve liter, behalve alcoholische drank (omdat het afbreken van alcohol veel water vraagt). Van koffie en zwarte thee wordt ook wel gezegd dat het minder effectief is, maar het effect is zeker niet nul.
  5. Een belangrijker argument om water te kiezen in plaats van fris, lightdrank, sap, koffie of thee zou kunnen zijn: als je lichaam dorst heeft, wil het water. Als je dat toch gaat wegklokken of gedachteloos gaat opdrinken, waarom zou je er dan een smaakje bij moeten hebben? En misschien zelfs suikers of andere stofjes, waar je lichaam op dat moment niet om vraagt?
  6. Ga je iets anders drinken dan water, dan kun je wel andere goede redenen hebben dan dorst. Misschien bevat je drankje voedingsstoffen die je graag wilt binnenkrijgen. Of je hebt zin in precies die smaak. Dan wel goed proeven hè, slokje voor slokje! En stoppen als je genoeg hebt. 😉
  7. Water drinken als je honger hebt, is net zoiets als eten als je moe bent. Het vervult je echte behoefte niet en houdt je lichaam onrustig.

Een argument dat ook opduikt in de berichtgeving, is dat je ‘gewoon’ naar de behoeftes van je lichaam kunt luisteren en de aanbeveling van hoeveel je moet drinken, naast je neer kunt leggen. In beginsel vind ik dat een mooi uitgangspunt, want je lichaam kan vaak goed aangeven wat het nodig heeft. Dus zou je zeggen: drink als je dorst hebt.

MAAR! We zijn zoveel met ons hoofd bezig tegenwoordig, dat we vaak onze aandacht niet bij ons lichaam hebben. En als je iets voelt in je lichaam, is de vraag of je altijd weet te herkennen welke behoefte je nou voelt. Zo dronk ik in mijn tienertijd bijna nooit iets en ik voelde ook geen dorst. Ik had wel altijd hoofdpijn, maar dat verband zag ik niet. Wist ik veel. Toen ik regelmatig water ging drinken, was die hoofdpijn wel binnen de kortste keren weg!

Misschien is een goede richtlijn dus wel: als je veel aandacht hebt voor je lichaam en je behoeftes en ze goed weet te herkennen, ga dan gerust af op je dorstgevoel. Heb je dat niet, of twijfel je, mik dan op 1,5 liter water of kruidenthee per dag. Ander drinken meetellen mag ook, maar neem dat andere drinken alleen als het je wat extra’s oplevert. En als je veel zweet of het is erg warm, neem dan wat extra.