De meeste kinderen zijn niet zo happig op groente, vooral in de leeftijd van anderhalf tot vijf jaar. Toch wil je graag dat ze groente eten, vanwege de voedingswaarde én omdat een buik gevuld met groente niet gevuld wordt met snoep, snacks en andere producten die weinig voedingsstoffen bevatten maar wel veel suikers en calorieën. Wat kun je als ouder doen?

Kinderen wennen aan zoveel mogelijk verschillende smaken als ze ze vaak aangeboden krijgen. Dwang werkt averechts, de ruimte om veel te proberen en ervaren werkt juist goed. Kinderen moeten iets gemiddeld acht tot tien keer proeven voordat ze definitief weten of ze het lekker vinden. Ze iets laten proberen/opeten lukt het beste als ze trek hebben en niet te moe zijn. Varieer met verschillende smaken, kleuren, geuren en texturen. Wat een kind lekker lijkt, zal het proeven en wat niet lekker lijkt, niet. Het kind heeft de leiding en kan zo zelf goed leren kiezen wat hij/zij wel of niet wil eten.

Dit betekent overigens niet dat je je kind maar zijn of haar gang moet laten gaan. Als ouder ben je verantwoordelijk voor het juiste aanbod van voeding en dranken. Op de vaste eetmomenten geef je je kinderen keuze uit voedzame dingen. Snoep, koek en snacks horen niet thuis in een gewoontepatroon. Die krijg je bij speciale gelegenheden. En die zijn er genoeg tegenwoordig. 😉

Een aantal ideeën om je kind te interesseren in groente (en jezelf misschien ook?):

  • Geef ze een rol bij het kopen of klaarmaken, zodat het iets van henzelf wordt;
  • Geef ze keuze: twee of meer soorten groente waarvan ze er eentje mogen;
  • Keer om wat je normaal zou zeggen, bijvoorbeeld ‘Jij mag heus geen groente, die mag ik alleen maar want ik vind ze veel te lekker om ze met jou te delen’ in plaats van ‘Jij moet je groente opeten’;
  • Vlieg de hapjes de mond in;
  • Verstop/verwerk de groente in bijvoorbeeld soep of stamppot of kleingesneden in de pasta. Daarmee wennen ze aan de smaken en kunnen ze later alsnog aan het mondgevoel van de groente zelf wennen;
  • Maak leuke vormpjes van de groente of leg er een patroontje van op het bord of laat ze dat zelf doen;
  • Maak er een wedstrijdje van, bijvoorbeeld wie de grootste boon kan opeten of de grootste hap rode kool in zijn mond kan doen;
  • Geef het ze niet (alleen) bij het avondeten, maar b.v. ook wat tijdens het koken als ze honger hebben, of bij de lunch of tussendoor.
  • Verzin een verhaaltje rondom de groente (bijvoorbeeld broccolibomen waar een bepaald dier heel sterk van wordt als hij ze eet);
  • Geef een aantal keren achter elkaar dezelfde groente als optie, zodat die vertrouwd kan worden;
  • Beloon nooit met een toetje, zodat je niet de indruk wekt dat groente ellende is die je moet doorstaan en een toetje leuk is, maar zorg voor een vrolijke sfeer rondom het groente eten;
  • Onderhandel met je kind over hoeveel hij/zij op gaat eten;
  • Leg uit waarom je kind een paar happen groente moet nemen: dat is om te oefenen, om groente te leren eten.

En bovenal: geef zelf het voorbeeld. Eet veel en vaak groente en laat zien hoeveel plezier je daarin hebt.